Checklist beoordelen houtstookoverlast

De checklist op deze pagina bevat enkele aspecten aan de hand waarvan u als gemeente de mate van overlast kunt bepalen. U kunt deze checklist doorlopen tijdens de beoordeling of er sprake is van overlast. Het gaat over technische specificaties, brandstof, opslag hout, stookproces, verspreiding en weersomstandigheden.

Toepassing checklist

De checklist is samengesteld op basis van ervaringen van verschillende gemeenten. De lijst kan gebruikt worden in aanvulling op de kwalitatieve beoordelingsmethoden, die de Stab (Stichting advisering bestuursrechtspraak) heeft opgesteld in het Kennisdocument Gezondheids- en hindereffecten door houtkachels van particulieren of de aanpak van de gemeente Leeuwarden.

Lees ook de tips uit jurisprudentie over de voorbereiding (verzamelen van bewijs) en motivering van besluiten over houtstookoverlast.

Technische specificaties

  • Welk type kachel wordt gebruikt?
  • Is de capaciteit van de kachel passend voor de ruimte waarin deze geplaatst is en niet te groot?
  • Wat is de diameter van de aansluiting van de kachel en van de afvoerpijp?
    Het afvoerkanaal moet een voldoende grote diameter hebben (tenminste gelijk aan de diameter van het aansluitpunt op de kachel) met geen of zo min mogelijk bochten (geen haakse!).
  • Voldoet de kachel aan (buitenlandse) producteisen?
  • Is er een nageschakelde techniek aanwezig?

Brandstof

Welke brandstof wordt gebruikt?

Het gebruik van afvalhout is verboden. Het te gebruiken haardhout mag niet zijn bewerkt met verf, lijm of andere chemicaliën. Het gebruik van andere brandstoffen is verboden met uitzondering van zogenaamde aanmaakblokjes.

Geschikt en ongeschikt stookhout
Geschikt stookhout Ongeschikt stookhout
  • Ongeverfd hout
  • Niet gebeitst hout
  • Niet verlijmd
  • Niet geïmpregneerd
  • In de handel verkrijgbaar hout speciaal voor het gebruik in open haarden en kachels
  • Gekloofd hout
  • Geverfd hout
  • Verlijmd hout
  • Ondergedompeld hout
  • Geïmpregneerd
  • Gelakt hout
  • Hardboard, MDF
  • Triplex, Multiplex
  • Ongekloofd hout
  • Wat is de vochtigheid van het brandhout?

Het te gebruiken haardhout mag een maximale vochtigheidsgraad van 20 % hebben (minimaal 15% ), onder andere te bereiken door natuurlijke droging gedurende ten minste twee jaar.

  • Hoe groot zijn de houtblokken?

De te verbranden stukken gekloofd hout moeten eenvoudig passen in de stookruimte van de kachel en mogen een maximale dikte hebben van 10 cm doorsnede (polsdik).

  • Hoeveel brandstof (m3) wordt er verstookt op jaarbasis en hoeveel brandstof is er op voorraad?

Opslag van stookhout

  • Waar en hoe is het stookhout opgeslagen?

Een buitenopslag moet zowel van bovenaf als aan de zijkanten zijn afgeschermd van regen. Het hout in de opslag mag niet in contact staan met de grond. Het hout in de opslag moet in de breedte opgeslagen worden met maximaal 2 rijen blokken in de diepte.

Stookproces

  • Wordt de houtkachel als hoofdverwarming gebruikt en hoeveel uren per jaar wordt er gestookt?
  • Wordt er gestookt gericht op volledige verbranding of wordt er ook wel ‘gesmoord’?
  • Wordt er bij alle weersomstandigheden gestookt of wordt er bij mist en/of weinig wind niet gestookt?
  • Wordt de schoorsteen ten minste jaarlijks geveegd?
  • Zijn de leidingen geïsoleerd?
  • Het afvoerkanaal moet voldoende lengte hebben en het inpandige deel (niet zijnde in de te verwarmen ruimte) moet in zekere mate geïsoleerd zijn (is ook een eis in het bouwbesluit vanuit brandoverslag: ommetseling of gipsplaten met vermiculite of perlite korrels is voldoende). Hoe hoog is uitmonding boven de eigen daknok gelegen en hoe hoog boven de hoogste daknok in een straal van 25 meter om het rookkanaal?

Verspreiding

Voor een goede verspreiding is het noodzakelijk dat de uitmonding hoog genoeg boven het eigen dak ligt en ook hoog genoeg boven daken in de nabijheid.1 meter is het minimum vanuit dit oogpunt. Bij kleine bedrijfjes moet in dit soort situaties de uitmonding ten minste 3 m boven de hoogste daknok in een straal van 25 m van het rookkanaal zijn.

  • Zijn er hoge gebouwen, dakranden of bomen die de verspreiding kunnen belemmeren?
  • Is er een regenkap aanwezig?

De uitmonding heeft geen kap of is voorzien van een regenkap die de luchtstroom naar boven niet hindert. Bij voorkeur is de uitmonding voorzien van een zogenaamde gek of deflectorkap.

  • Wat is de afstand van de rookgasafvoerpijp tot de tot meest dichtbijgelegen woning en wat tot die van de klager?

Weersomstandigheden

  • Welke windsnelheid wordt gemeten?
  • Wat is de buitentemperatuur?
  • Is het bewolkt?
  • Is het mistig?
  • Is een stookalert door het RIVM afgegeven?

Er kunnen diverse (internet) bronnen geraadpleegd worden om de weersomstandigheden te bepalen en vast te leggen.