Uitvoeringsagenda SLA - landbouw

Voor landbouw wordt ingezet op het beter benutten van al aanwezige emissiereducerende technieken. Ook wordt ingezet op het verleiden en verplichten van ondernemers voor het nemen van aanvullende maatregelen in bestaande en nieuwe stallen. Daarnaast wordt verkend hoe gemeenten de instrumenten van de Omgevingswet kan inzetten om emissiereductie in de landbouw te bereiken.

Inhoud

Maatregelen landbouw

Voor de landbouw zijn in het Schone Lucht Akkoord (SLA) een aantal vaste maatregelen opgenomen. Deze zijn in de Uitvoeringsagenda Schone Lucht Akkoord 2021-2023 verder uitgewerkt.  Ook zijn er via de pilot landbouw een aantal maatregelen opgenomen die tijdens de looptijd van het SLA verder worden uitgewerkt. De maatregelen in de pilot komen voort uit 3 sporen. Een verdere uitleg van de 3 sporen is te vinden in het ‘Plan van Aanpak pilot landbouw’.

Spoor 1

Dit spoor bestaat uit het ontwikkelen van een aanpak voor het beter benutten van al aanwezige emissie reducerende technieken. Dit spoor geeft invulling aan SLA-maatregel 5 (verbeteren van de effectiviteit van emissiearme stallen).

Spoor 2

Dit spoor bestaat uit een aanpak voor het verleiden en verplichten van ondernemers voor het nemen van aanvullende maatregelen in bestaande stallen en in nieuwe stallen. Het gaat om verdergaande maatregelen dan de nu al verplichte maatregelen. Dit spoor geeft invulling aan de SLA-maatregelen 5 (verbeteren van de effectiviteit van emissiearme stallen), 6 (Subsidie Brongerichte Verduurzaming stal- en managementmaatregelen) en 7 (experiment Crisis- en herstelwet).

Spoor 3

Dit spoor bestaat uit het maken van een bouwsteen voor het toepassen van instrumenten uit de Omgevingswet. Een bouwsteen is een voorbeeldpakket van (juridische) maatregelen die een gemeente onder de Omgevingswet kan inzetten om emissiereductie vanuit de landbouw te bereiken.

Subsidieregeling sanering varkenshouderijen (Srv)

Met de Subsidieregeling sanering varkenshouderijen (Srv) worden varkenshouders gecompenseerd als ze een locatie beëindigen. Varkenshouders hebben vrijwillig de subsidie aangevraagd bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). Deze subsidieaanvraag konden veehouders tot begin 2020 doen. Gemeenten borgen gestopte locaties in het omgevingsplan. Provincies trekken de vergunning (Wet Natuurbescherming) in of passen deze aan. De Tweede Kamer is op 30 juni 2021 geïnformeerd over de stand van zaken van de Subsidieregeling sanering varkenshouderijen (kamerstuk 28 973, nr 244).

Sectorale afspraken over integrale brongerichte reducties

De rijksoverheid maakt met de sector afspraken over integrale, brongerichte reducties van emissies. Deze intenties van de sector heeft de sector vastgelegd in sectorplannen. Voor de pluimveesector zijn met het ministerie van IenW extra afspraken gemaakt: zie reductie primair fijnstof in de pluimvee sector.

De plannen hebben een termijn van 10 jaar. In 2030 zouden de doelen bereikt moeten zijn. De plannen zijn niet statisch en zijn aan te passen als er nieuwe inzichten ontstaan. Monitoring is onderdeel van de sectorplannen. De minister van LNV heeft over de inhoud van de sectorplannen aan de Kamer gerapporteerd.

Reductie primair fijnstof in de pluimveesector

De pluimveesector heeft in juli 2021 een plan ingediend om primair fijnstof te reduceren. Doel van het sectorplan is om gezondheidswinst te realiseren. Het gaat hier om de te verwachten gezondheidswinst als gevolg van de halvering van de fijnstofemissie in 2030 ten opzichte van 2016.

Is de fijnstofreductie onvoldoende of blijkt het plan onverhoopt niet uitvoerbaar? Dan stelt het ministerie van IenW een generieke reductie-eis wettelijk vast in het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal). Gemeenten leggen de maatregelen uit het sectorplan vast in vergunningen en/of het omgevingsplan.

Invoering generieke emissie-eisen voor biologisch gehouden kippen en varkens

In het Besluit emissiearme huisvesting voor biologisch gehouden kippen en varkens staat een vrijstelling voor emissie-eisen. Het Rijk heft deze vrijstelling op en maakt vervangende eisen. Deze komen in het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal). Daarbij komt er een overgangstermijn voor bestaande stallen.

Verbeteren van de effectiviteit van emissiearme stallen

Kennisoverdracht over emissiereducerende technieken en een verbeterd toezicht en betere handhaving op die technieken zijn belangrijk. De themagroep Landbouw heeft verschillende initiatieven gestart. Dit is niet uitputtend: gedurende de looptijd van het SLA zijn nieuwe initiatieven te starten die gericht zijn op verbetering van bestaande technieken. Ook andere gemeenten dan de huidige pilotdeelnemers kunnen deze maatregelen nemen en/of in hun decentrale uitvoeringsplannen opnemen.

E-learning en expertmeetings over luchtwassers

Het Rijk heeft samen met luchtwasserfabrikanten en toezichthouders een e-learning over luchtwassers voor toezichthouders en veehouders ontwikkeld. Rijkswaterstaat organiseert landelijke bijeenkomsten over toezicht op luchtwassers en het werken met elektronische monitoring. Tijdens deze bijeenkomsten vindt ook afstemming plaats over praktijkrichtlijnen over toezicht. Na een aantal landelijke bijeenkomsten gaan omgevingsdiensten, gemeenten of provincies regionale bijeenkomsten organiseren. Rijkswaterstaat heeft de e-learning geëvalueerd en gaat deze doorontwikkelen.

Landelijke aanpak toezicht luchtwassers

De provincie Overijssel voert in samenwerking met omgevingsdiensten een toezichtactie uit. Toezichthouders hebben in 2020 en 2021 toezicht gehouden op de werking van luchtwassers via elektronische monitoring. Deze toezichtactie geeft input voor een landelijke aanpak. De provincie zal in 2022 deze aanpak evalueren samen met omgevingsdiensten. Ze stellen een advies op over bredere uitrol en sturen dit naar de Stuurgroep SLA.

Landelijke aanpak toezicht veehouderijen

Het project Intensivering toezicht veehouderijen (ITV) is een project van de provincie Noord-Brabant, 43 gemeenten en 3 omgevingsdiensten. Sinds eind 2017 worden de veehouderijen in de deelnemende gemeenten op uniforme manier geïnspecteerd op alle onderdelen van de Wet Natuurbescherming en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). Met dit project zijn 5994 controles uitgevoerd.

Het doel van het project was:

  • inzicht krijgen in naleefgedrag; voldoet iedereen aan de regels
  • beschikken over een actueel beeld van de veehouderij sector

Het ITV-project heeft de samenwerking tussen omgevingsdiensten, gemeenten en provincie efficiënter en nuttiger gemaakt. De resultaten over naleving, de gegevens, kunnen voor alle provincies op dezelfde wijze opgehaald worden. Deze gegevens worden meegenomen in de doorontwikkeling van risicogericht toezicht en handhaving. Dit is een van de bronnen voor de vorming van beleid.

Fijnstof meten met innovatie technieken in de pluimvee sector

Praktijkcentrum emissiereductie in de veehouderij (PEV) bepaalt met fijnstofmetingen in praktijkstallen de effectiviteit van innovatieve emissiereducerende technieken of maatregelen. Doel is om een fijnstofemissiefactor voor deze innovatieve technieken te bepalen. De Technische Advies Pool geeft hierover een advies aan het ministerie van IenW. Daarna kan IenW dit opnemen op de fijnstoflijst. Onder de Omgevingswet staat deze lijst in bijlage VI van de Omgevingsregeling.

Door opname op de fijnstoflijst kan de hele pluimveesector de techniek toepassen. Dit vergroot de mogelijkheden om emissiereductie in de praktijk toe te passen.

Voorlichtingsprogramma emissiereducerende technieken

Het ministerie van IenW realiseert in samenwerking met Rijkswaterstaat voorlichtingsmateriaal over emissiereducerende technieken in veehouderijen. Doel is het verbeteren van kennis bij vergunningverleners, toezichthouders, veehouders en adviseurs over de werking en de toepassing van deze technieken. IenW vraagt aan deelnemers dit materiaal te gebruiken en ervaringen en casussen actief met elkaar te delen.

Beter benutten van bestaande technieken in varkensstallen
Noord-Brabant

De provincie Noord-Brabant stimuleert gemeenten in Noord-Brabant om plannen te maken voor meer emissiereductie bij varkensstallen door bredere toepassing van bestaande technieken. De provincie Noord-Brabant heeft een SpUK-aanvraag toegekend gekregen voor een project met combi-luchtwassers.

Afspraken sector beter benutten emissiereducerende technieken

Gemeenten maken met de veehouderijsector en omgevingsdiensten afspraken over het beter benutten van emissiereducerende technieken. Het gaat om nageschakelde technieken en bronmaatregelen. Deze afspraken kunnen gaan over de hele landbouwsector. Dit kan dus ook de rundveehouderijsector zijn. Bij toepassen van deze maatregel is een koppeling te maken met het voorlichtingsprogramma emissiereducerende technieken en het project Beter benutten van bestaande technieken in varkensstallen in Noord-Brabant.

Subsidie Brongerichte Verduurzaming (SBV) stal- en managementmaatregelen

Het ministerie van LNV heeft de Subsidiemodule brongerichte duurzame stal- en managementmaatregelen (Sbv) ontwikkeld voor onderzoek naar en ontwikkeling van stal- en managementmaatregelen. De 2 modules van
de Sbv worden tot en met 2024 gefaseerd opengesteld voor verschillende veehouderijsectoren.

RVO zorgt voor de uitvoering van de subsidieregeling. Het ministerie van IenW neemt nieuwe technieken op in de Regeling ammoniak en veehouderijen. Onder de Omgevingswet staat dit in de Omgevingsregeling.

Gemeenten informeren veehouders over deze gesubsidieerde maatregelen en verleiden ze om deze toe te passen. De ondernemer raakt op deze manier bekend met de mogelijkheden en middelen die in te zetten zijn op de meest noodzakelijke plekken.

Samenvattingen van goedgekeurde innovatieprojecten staan op de website Ondersteunende projecten door RVO.

Experiment Crisis- en herstelwet

Inzet meetsensoren en mogelijkheden doelvoorschriften

De Crisis- en herstelwet (Chw) geeft de mogelijkheid te experimenteren met sensoren bij veehouderijen in praktijksituaties en het experimenteren met doelvoorschriften. Vergunnen gebeurt op basis van het Chw-experiment van de 21e Tranche. De pilots moeten meer informatie opleveren over:

  • de werking van de meetsensoren in de praktijk
  • het werken met doelvoorschriften

Dit sluit aan op het advies Taskforce Versnelling innovatie stalsystemen. Taskforce innovatie heeft het Rijk dit advies in het voorjaar van 2021 gegeven. Het advies richt zich op versnelling van innovatie van stalsystemen.

Informatie over toepassen Chw-experiment

Rijkswaterstaat verstrekt informatie aan gemeenten over de toepassing van Chw-experimenten. Dit kunnen experimenten zijn gericht op emissieverlaging op locaties waar extra ingrijpen nodig is. Het doel is

  • meer bekendheid met en effectieve toepassing van de nieuwe instrumenten voor emissieverlaging op locaties waar extra ingrijpen nodig is
  • experimenteren met een andere vorm van toezicht en handhaving, met doelvoorschriften

Experimenteren met instrumenten uit Chw-experiment geur en
SLA

Gemeenten gaan via casussen experimenteren met het toepassen van instrumenten uit het Chw-experiment geur en het SLA. Het betreft onder andere het voorschrijven van extra maatregelen in vergunningen of het met maatwerk afwijken van maximale emissiewaarden voor stalsystemen.

Gemeenten stellen plannen op voor het effectief inzetten van de nieuwe instrumenten om knelpunten van geur te verminderen en de luchtkwaliteit te verbeteren. De themagroep Landbouw besteedt aandacht aan kennisontwikkeling en kennisdeling tussen gemeenten. Toepassen van het Chw-experiment door decentrale overheden gebeurt op vrijwillige basis.

Inzet instrumenten van de Omgevingswet

Brede uitrol van toepassing van instrumenten uit de Omgevingswet

Mede op basis van de ervaringen in de kortetermijnaanpak wordt een bouwsteen voor emissiereductie in het omgevingsbeleid ontwikkeld. Een bouwsteen is een voorbeeldpakket van (juridische) maatregelen. Deze bouwsteen helpt bij het verder uitrollen van succesvolle manieren om de Omgevingswet toe te passen. Hierbij wordt gebruikgemaakt van de verschillende instrumenten die de Omgevingswet biedt, zoals het vastleggen van ambities in de omgevingsvisie, het opstellen van een programma en het verankeren van regels in het omgevingsplan.

Omgevingsprogramma

3 gemeenten in de Gelderse Vallei, Noord-Brabant en Noord- en Midden-Limburg stellen sectorale omgevingsprogramma’s op voor 3 verschillende gebieden. Deze omgevingsprogramma’s zijn te gebruiken als voorbeeld voor andere regio’s. Daarbij is ook aandacht voor het vastleggen van beleidsdoelen en omgevingswaarden in uitvoeringsplannen.

Juridische expertise huidige en toekomstige regelgeving

Rijkswaterstaat ondersteunt pilotgemeenten bij het ontwikkelen van bouwstenen onder de Omgevingswet. Dit doet Rijkswaterstaat door het leveren van juridische expertise over de huidige en toekomstige wet- en regelgeving.

Pilot Vergunningverlening toezicht en handhaving

Gemeenten en provincies willen in 2022 aan de slag met het versterken van vergunningverlening en/of toezicht en handhaving. Mogelijke invullingen van een pilot zijn:

  • invulling geven aan de landelijke aanpak van toezicht bij veehouderijen
  • zoveel mogelijk aan de onderkant van de BBT-range (best beschikbare technieken) vergunnen bij bestaande en nieuwe omgevingsvergunningen. Het rapport van KokxDeVoogd (pdf, 726 kB) geeft aan wat hiervoor de juridische mogelijkheden zijn.
  • opleiden van VTH-medewerkers, bijvoorbeeld door coaching
  • werken met doelvoorschriften bij de vergunningverlening. De pilot-deelnemers verkennen de experimenteerruimte die de Chw biedt.
  • verder doorvertalen van de Omgevingswet op het gebied van VTH